Het gerechtshof Amsterdam wijst de vorderingen van FNV dat alle chauffeurs of groepen van chauffeurs van Uber werknemer zijn af. Dat is vandaag in hoger beroep beslist.

"Vandaag heeft de rechter geoordeeld dat bij een substantieel deel van de Uber-chauffeurs hun ondernemerschap zo zwaar weegt, dat ze géén werknemers zijn. Hun ondernemerschap blijkt met name uit de investeringen die zijn doen (in de auto), zij een commercieel, aansprakelijkheid en arbeidsongeschiktheidsrisico lopen en dat zelf dragen en het feit dat zij hun ritten en werktijden zelf kunnen kiezen. Een mooie uitkomst voor zzp'ers van een langlopende zaak."

Verloop zaak
De centrale vraag tijdens de rechtszaak was of Uber-chauffeurs werknemers zijn. De  Amsterdam gaf FNV in 2021 gelijk en besliste dat Uber-chauffeurs werknemers zijn. Daarop ging Uber in .

In het hoger beroep stelde het gerechtshof in 2023 prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. Die hadden betrekking op de betekenis van ondernemerschap bij de kwalificatie van een arbeidsrelatie en op de procedure om die kwalificatie voor een groep werkenden vast te stellen. De  antwoordde dat hij in zijn Deliveroo-arrest geen rangorde heeft willen aanbrengen in de daarin genoemde relevante omstandigheden, dat dat ook geldt voor ondernemerschap, en dat het zich kan voordoen dat de arbeidsrelatie van de ene werkende anders te kwalificeren valt dan ten aanzien van andere werkenden die dezelfde werkzaamheden verrichten. Volgens de Hoge Raad kan de rechter geen algemeen oordeel over de kwalificatie geven indien de individuele omstandigheden van de (groepen) werkenden daarvoor teveel uiteenlopen. Voor zover er wel een oordeel kan worden gegeven voor bepaalde (groepen)  werkenden, kan de rechter dit in de beslissing van de uitspraak tot uitdrukking brengen.

Chauffeurs aan zijde Uber
Het hof oordeelt dat de zes chauffeurs die in hoger  aan de zijde van Uber mee procedeerden, zelfstandig ondernemer en geen werknemer zijn. Factoren die hierbij onder meer van belang zijn: de hoogte van de investeringen die de chauffeurs deden (zoals voor hun auto), de vrijheid in het kiezen van de tijdstippen waarop ze werken, de strategie bij het wel of niet accepteren van ritten en de daarbij behorende verdiensten, en het risico op aansprakelijkheid en arbeidsongeschiktheid.

Het hof overwoog verder dat het wel mogelijk is dat individuele chauffeurs van Uber werken op basis van een arbeidsovereenkomst. In deze procedure heeft het hof dat niet voor individuele chauffeurs of groepen van chauffeurs kunnen vaststellen. Daarom zijn de vorderingen van FNV afgewezen.

Klik op de link voor het

 

𝗣𝗭𝗢 𝗯𝗹𝗶𝗷𝗳𝘁 𝘇𝗶𝗰𝗵 𝗶𝗻𝘇𝗲𝘁𝘁𝗲𝗻 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝗱𝗲 𝗽𝗼𝘀𝗶𝘁𝗶𝗲 𝘃𝗮𝗻 𝘇𝘇𝗽'𝗲𝗿𝘀! 𝗗𝗼𝗲 𝗺𝗲𝗲 𝗲𝗻 𝘄𝗼𝗿𝗱 𝗹𝗶𝗱 𝘃𝗮𝗻 𝗣𝗭𝗢.

X